Contractvormen/ bouworganisatiemodellen

Tekst groter

Contractvormen/ bouworganisatiemodellen

Een contracteringsstrategie gaat over de wijze waarop een opdrachtgever uitvoerende marktpartijen wenst in te schakelen bij de realisatie van een (infrastructureel) bouwproject. Daarbij zijn de nodige keuzes te maken. Deze hebben in belangrijke mate van doen met de rol die een opdrachtgever voor zichzelf en de opdrachtnemer(s) weggelegd ziet bij de realisatie: veel zelf doen of juist op afstand staan, veel risico's zelf dragen of juist bij de contractpartner(s) leggen. Deze strategie leidt uiteindelijk tot een contractvorm, ook wel bouworganisatievorm genoemd.

Het aantal mogelijkheden waaruit daarvoor kan worden gekozen is aanzienlijk. Wat in een concreet geval de beste oplossing is, hangt af van zowel het type project, de relevante markt van aanbiedende marktpartijen, maar zeker ook van het type opdrachtgever. Wat zijn de projectdoelen en wat kan en/of wil deze opdrachtgever zelf doen.

Tekst groter

Meest bekende contractvormen

De verschillende contractvormen kunnen worden onderscheiden op uiteenlopende aspecten. Hieronder wordt ingegaan op enkele hoofdvormen. Contracten voor bouw en infrastructuur worden gebruikelijk ingedeeld in drie categorieën: traditioneel, geïntegreerd en life cycle (ook wel aangeduid als: volledig geïntegreerd). In deze driedeling is een onderscheid gemaakt naar de verantwoordelijkheidsverdeling: welke partij (opdrachtgever of opdrachtnemer) verantwoordelijk is voor welke aspecten van een bouwopgave. Schematisch is dat als volgt weer te geven.

Tekst groter

In elke categorie vallen verschillende contractvormen. Naast de basisvormen zijn verschillende tussenvormen mogelijk. Dit geldt zowel tussen traditioneel en geïntegreerd (bijvoorbeeld Engineer & Construct) als tussen geïntegreerde en life cycle contracten (bijvoorbeeld Design, Construct en Maintain).

Zoals ook later nog aan bod zal komen, zijn de hier gebruikte aanduidingen van contractvormen slechts hulpmiddelen die het makkelijker maken om over verschillende contracten te communiceren. Het belangrijkste blijft dat voor ieder project op maat de beste oplossing wordt gevonden.

Om een indruk te geven van het scala aan mogelijkheden en hoe die zich tot elkaar verhouden, kunnen diverse vormen worden weergegeven op een glijdende schaal, van traditionele bestekken tot de meest vergaande vorm van integratie van fasen in het bouwproces, waarbij maximale verantwoordelijkheid bij de opdrachtnemer wordt neergelegd. Dit is te zien in onderstaande figuur.

Wat opvalt bij het bespreken van de verschillende contractvormen, is dat de benamingen voor contractvormen per markt sterk kunnen verschillen. In de utiliteitsbouw worden soms andere benamingen gebruikt dan in de GWW-sector, en in de procesindustrie worden weer andere eigen aanduidingen gebruikt, terwijl inhoudelijk vaak hetzelfde of iets vergelijkbaars wordt bedoeld. Hieronder een overzicht:

Tekst groter

Naast de verantwoordelijkheidsverdeling onderscheiden contractvormen zich ook nog op een aantal andere belangrijke aspecten die de mogelijke voorkeur voor of geschiktheid van een contracttype kunnen bepalen. Hierbij valt in het bijzonder te denken aan:

  1. de wijze waarop eisen worden geformuleerd (technisch of juist functioneel)
  2. de mate van invloed van de opdrachtgever op de uitvoering
  3. flexibiliteit van het contract om met wijzigingen om te gaan
  4. het moment van marktbenadering
  5. het moment dat zekerheid ontstaat over de prijs.
Tekst groter

Mengvormen

De aanpak voor de marktbenadering vergt in dat stadium nog een nadere uitwerking en concretisering alvorens contracten en aanbestedingsdocumenten opgesteld kunnen worden. De mogelijkheden om verantwoordelijkheden te verdelen zijn in principe oneindig en altijd zal een projectspecifieke afweging gemaakt moeten worden.

In de praktijk zal op veel aspecten sprake zijn van in meer of mindere mate van verantwoordelijkheid bij de opdrachtnemer of opdrachtgever. Per onderdeel (object) van hetzelfde contract kan dit bovendien ook nog verschillen. Het zelfde geldt voor de wijze van specificeren: functioneel of meer uitgewerkt.

Uitgaande van de verantwoordelijkheden die een contractvorm met name definiëren, kan dit worden weergegeven als een mengpaneel waarmee traploos en projectspecifiek tot de best passende verdeling kan worden gekomen. Dit is weergegeven in onderstaande figuur.

Tekst groter

In dit voorbeeld is een aantal hoofdaspecten en fasen die in veel contracten voorkomen weergegeven.

Bij de fase die betrekking heeft op het bouwen (B) is de schuif maximaal bij de opdrachtnemer gezet. In de regel is dit een fase van een project die bij de opdrachtnemer wordt belegd. Wees erop bedacht dat deze fase ook veel met een “C” van construct wordt aangeduid. Een andere fase die in het oog springt is de eigendom (E). Ook daar is variatie mogelijk.

Bij infrastructurele projecten zal de eigendom in de regel bij de publieke opdrachtgever blijven, zoals hier ook is weergegeven, maar strikt noodzakelijk is dat niet. Bij de bouw van gebouwen (kantoren bijvoorbeeld) is het niet ongebruikelijk dat de eigendom voor altijd of voor een bepaalde tijd bij de opdrachtnemer blijft (of in eigendom wordt overgedragen naar bijvoorbeeld een belegger).

In de figuur hierboven is alleen de mogelijke verdeling op hoofdonderdelen weergegeven. Daarnaast kan op nog meer onderdelen worden gevarieerd in de verantwoordelijkheidsverdeling. Te denken valt bijvoorbeeld aan de verantwoordelijkheid voor de verschillende conditionerende werkzaamheden (bijvoorbeeld het verleggen van kabels en leidingen, het detecteren en ruimen van niet-gesprongen explosieven, werkzaamheden die samenhangen met archeologische vondsten) en het aanvragen en verkrijgen van vergunningen.

De uiteindelijke verdeling, of stand van de ‘schuifjes” in het “mengpaneel”, is projectspecifiek en wordt onderdeel van de contracteringsstrategie. Uiteindelijk zal die strategie kenmerken vertonen van een bekende hoofdvorm, en in de praktijk wordt dat etiket op het contract geplakt. Daar is ook niets mis mee, zolang men zich maar realiseert dat dit altijd een algemene aanduiding is en er aanzienlijke verschillen kunnen zitten tussen het ene D&C-contract en het andere D&C-contract.

Hiermee is ook duidelijk dat een keuze voor alleen een hoofdvorm alleen, dus alleen D&C of E&C, zonder nadere invulling, nog onvoldoende is om daadwerkelijk contractstukken op te kunnen stellen. Het kan voldoen als een keuze op hoofdlijnen in een vroege fase van een project. En het zegt iets over de voorwaarden die zullen worden gehanteerd en op welke wijze eisen overwegend zullen worden gespecificeerd. De strategie voor de contractering zal daarna echter nader ingevuld moeten worden, met name op de aspecten die hiervoor zijn behandeld.