Leervoorkeuren

Tekst groter

Leervoorkeuren

Om te bepalen op welke manier het leren te organiseren is er een noodzaak voor een gemeenschappelijke taal over leren. Om deze reden hebben wij de grootste verschillen in beelden, zeg maar ‘de geloofsovertuigingen’ die er zijn rond het leren, gegroepeerd in vijf voorkeuren: 1. kunst afkijken, 2. participeren, 3. kennis verwerven, 4. oefenen en 5. ontdekken.

Zo gewoon als ‘leren’ is, zo moeilijk blijkt het praten erover. Het woord heeft veel verschillende nuances en betekenissen. We gebruiken het als aanduiding voor wat in een opleiding gebeurt, tijdens het werk of op andere momenten van je leven; voor individuele of juist gemeenschappelijke activiteiten; voor wat intuïtief gebeurt of juist doelgericht.

Het leren heeft voor verschillende mensen een verschillende betekenis. Mensen leren en ontwikkelen ook op verschillende manieren. Ze hebben verschillende omgevingen waarin ze graag leren en verschillende manieren waarop ze problemen oplossen. Deze verschillen in voorkeuren en gewoonten in het leren, zijn onder andere het gevolg van iemands ‘leergeschiedenis’ (hoe werd er op school en thuis omgegaan met het leren). Het wordt ongetwijfeld ook bepaald door zaken als cultuur, leeftijd en persoonlijkheid.

Vijf verschillende leervoorkeuren

Om te bepalen op welke manier het leren te organiseren is er een noodzaak voor een gemeenschappelijke taal over leren. Om deze reden hebben wij de grootste verschillen in beelden, zeg maar ‘de geloofsovertuigingen’ die er zijn rond het leren, gegroepeerd in vijf leervoorkeuren:

  1. kunst afkijken
  2. participeren
  3. kennis verwerven
  4. oefenen
  5. ontdekken

We lichten deze voorkeuren apart verder toe.

Leervoorkeuren zijn redelijk stabiel

Voorkeuren en gewoonten zijn redelijk stabiel, maar liggen niet vast. Een nieuwe werkomgeving, een nieuwe fase in iemands ontwikkeling, maar ook inzicht in het eigen leren, kan veranderingen in het leren tot stand brengen. Net zomin als er één betekenis is voor het leren, of één manier van leren, is er één manier om het leren te organiseren. Zo zijn er trainingen, leerprojecten, communities, learning on the job, enzovoorts. Daarbij is actieleren niet ‘beter’ dan opleiden en gaat probleemgestuurd onderwijs niet boven het klassieke onderwijs.

De beste manier om hét leren te organiseren, bestaat niet. Wel kunnen we zoeken naar een match tussen wat er geleerd moet worden, wie moet of wil leren, waar geleerd wordt en hoe we dat dan het beste kunnen inrichten.

Klik hier om je eigen leervoorkeuren in kaart te brengen. Kijk hier voor een artikel over leervoorkeuren.

Leervoorkeuren

Bron: Liefde voor leren, Manon Ruijters (2006)

Hoofdstuk inhoudsopgave