Het SCARF-model

Tekst groter

Het SCARF-model

Waarom zijn mensen in sommige situaties terughoudend en in andere gevallen juist heel ijverig om iets te doen? Als manager is het erg nuttig om te weten wat er ten grondslag ligt aan deze overweging om zo te zorgen voor omstandigheden waarin medewerkers actief en toegewijd zijn.

Een model dat helder in beeld brengt hoe om te gaan met sociale triggers, die zorgen voor dit passieve en actieve gedrag, is het SCARF-model (zie figuur 1). Het SCARF-model beschrijft vijf elementen die ten grondslag liggen aan pijn en genot in je hersenen en die bepalen of je geneigd bent iets te doen óf juist niet. Hoe hoger je scoort op de vijf dimensies, hoe meer je genotsysteem geprikkeld wordt, waardoor je dus eerder geneigd bent iets wél te doen. Als je lager scoort, zal je het gedrag sneller vermijden:

  • Status: Hoe belangrijk voel jij je ten opzichte van anderen?
  • Certainty: In hoeverre ben je in staat de toekomst te voorspellen?
  • Autonomy: In hoeverre heb je het gevoel dat je keuzes zelf kunt maken?
  • Relatedness: Voel je je geaccepteerd door anderen en heb je het gevoel dat je erbij hoort?
  • Fairness: Heb je het gevoel dat je eerlijk behandeld wordt?

 Waar kun je dit model voor gebruiken?

SCARF is een model waarmee je jezelf kunt ontwikkelen. Je kunt nagaan voor welk van de elementen jij in het bijzonder gevoelig bent en vervolgens kijken hoe dit effect heeft op het bereiken van je doelen. Ben je bijvoorbeeld gevoelig voor groepsdruk (Relatedness), waardoor je meedoet aan dingen waarvan je eigenlijk weet dat je ze beter niet kunt doen? Of heb je het idee dat je vaak in opdrachten blijft hangen die je ongelukkig maken, maar waarvan je de zekerheid die ze je geven niet wilt loslaten (Certainty)? Zodra je meer bewust bent van je valkuilen, kun je gerichter je gedrag veranderen.

Daarnaast is SCARF ook een tool voor leidinggevenden om te kijken naar sturing van medewerkers. Leidinggevenden hebben namelijk invloed op de vijf elementen bij medewerkers. Zo zorgt micro managen voor een lager gevoel van autonomie bij de medewerker en kan het ontbreken van een heldere visie uncertainty creëren. Als leider kun je dus een positieve werking hebben op je medewerkers door gedrag te vertonen waarbij het genotsysteem wordt geactiveerd. Dit kan bijvoorbeeld door transparant te zijn, medewerkers zelf keuzes te laten maken en vertrouwen te geven.

Het model heeft zelfs implicaties voor organisatiestructuren. Zo kan het helpen bij het formuleren van beloningsregelingen, besluitvorming en informatieprocessen. Het laat zien dat er creatievere manieren zijn om medewerkers te motiveren, die goedkoper, maar vooral ook sterker en duurzamer zijn dan de huidige systemen. 

Bronnen:

Sitskoorn, M. (2016). IK². Deventer: Vakmedianet.

Rock, D. (2008). SCARF: a brain-based model for collaborating with and influencing others. Neuroleaderschip Journal, (1).

 

Scart-model_0.jpg