DOR-model

Tekst groter

Doelen stellen: richten van de organisatie

Doelen stellen ís het het beantwoorden van de vraag: wat is de functie van de organisatie voor de relevante omgeving? Het gaat hierbij om het richten van de organisatie. De uitkomst van deze zoektocht wordt vastgelegd in de missie. Op basis van de missie worden doelen geformuleerd die in de komende planningsperiode behaald moeten worden. Deze doelen moeten zo zijn geformuleerd, dat ze een richtsnoer zijn voor het handelen. Ze mogen niet met elkaar in strijd zijn. Voorbeelden van vragen zijn:

  • Wat mist de wereld als onze organisatie niet bestaat?
  • Is de missie vertaald naar organisatiedoelen?
  • Zijn de doelen zo geformuleerd dat ze toetsbaar zijn?

 

Organiseren: inrichten van de organisatie 

Bij organiseren gaat het om het inrichten van de organisatie. Andere woorden voor deze activiteit zijn structureren (in de ruime betekenis van het woord) of voorwaarden scheppen. Organiseren is het creëren van condities zodat de organisatie haar primaire taken (de voortbrenging van diensten en/of producten) kan vervullen. De vraag: ‘hoe is de organisatie ingericht?’ kan worden ontleed in zes deelvragen, zoals:

  • Wat is onze strategie? 
  • Welke managementstijl(en) hanteren we? 
  • Welke systemen zijn er?
  • Welke medewerkers werken in onze organisatie?
  • Welke waarden en normen zijn te onderkennen in de organisatie?
  • Hoe ziet de organisatiestructuur eruit?

 

Realiseren: het verrichten van werkzaamheden

Realiseren betreft het uitvoeren van het werk waartoe de organisatie is opgericht. Hierdoor worden producten en diensten voortgebracht. Voorbeelden van vragen die t.b.v. de activiteit realiseren beantwoord moeten worden zijn:

  • Hoe worden patiënten verzorgd? 
  • Op welke wijze worden producten uit het magazijn verplaatst?
  • Hoe worden data in de computer ingevoerd?

Hoofdstuk inhoudsopgave